Het belang van een goede advocaat met verstand van het erfrecht blijkt uit een recente uitspraak van rechtbank Den Haag d.d. 12 januari 2017.

Aan de orde was het ontslag van een vereffenaar. De verzoekers baseerden zich op artikel 4:206 lid 5 BW. Dit artikel bepaalt dat een door de rechter benoemde vereffenaar om gewichtige redenen, onder meer op verzoek van een medevereffenaar of een erfgenaam, kan worden ontslagen. Echter in de onderhavige zaak was de vereffenaar helemaal niet door de rechtbank benoemd!

Verweerster was samen met verzoekers vereffenaar op grond van art. 4:195 BW waarin wordt geregeld dat als de erfgenamen, of één van hen, beneficiair aanvaarden, de erfgenamen gezamenlijk vereffenaar zijn.

De rechtbank had dus helemaal de mogelijkheid niet om verweerster op grond van het ingeroepen artikel te ontslaan!

De procedure zou voor niets zijn gevoerd, ware het niet dat ter zitting in gezamenlijk overleg alsnog een onafhankelijke vereffenaar kon worden benoemd. Bekijk de hele uitspraak hier.