Door onze advocaat executeur: Het besluit om de benoeming tot executeur te aanvaarden moet niet lichtzinnig genomen worden. De executeur heeft veel verantwoordelijkheden en kan zelfs, indien hij ernstig tekort schiet in de uitvoering van zijn taken, aansprakelijk worden gesteld voor de schade die zijn tekortkomingen hebben veroorzaakt. In de onderstaande zaak was een legitimaris van mening dat de executeur zijn taken niet zorgvuldig had verricht.

Vader en moeder waren beide overleden. Beiden hadden een van hun kinderen, verder A, uitgesloten als erfgenaam, A was dus onterfd. Een van zijn broers wordt door zijn ouders benoemd tot executeur en deze broer aanvaardt de benoeming tot executeur in beide nalatenschappen. In een vroeg stadium heeft A al aangegeven aanspraak te maken op de legitieme portie. Er gaan enkele jaren overheen en de legitieme portie is nog niet aan A uitgekeerd. A heeft in die periode tegenover de andere erfgenamen, maar niet tegen zijn broer tevens executeur, uitlatingen gedaan die er op wezen dat hij afstand wilde nemen van zijn aanspraak op zijn legitieme portie.

Deze uitlatingen komen de executeur wel ter ore. De executeur vertrouwt op deze uitlatingen zonder zelf te verifiëren of A wel echt afstand wilde doen van zijn legitieme portie. A krijgt zijn legitieme portie niet toebedeeld en vordert een verklaring van recht en schadevergoeding van de executeur bij de rechtbank Den Haag. Er moet worden beslist of de executeur in alle redelijkheid mocht vertrouwen op uitlatingen van A gedaan tegenover derde. De rechtbank Den Haag sprak zich daar op 9 december 2015 als volgt over uit:

“De rechtbank is van oordeel dat wat ook zij van de vermeende uitlatingen van eiser jegens de erfgenamen, gedaagde in zijn hoedanigheid van executeur die ervoor verantwoordelijk is dat de vorderingen op de nalatenschap worden voldaan, niet op uitlatingen jegens derden mocht vertrouwen. Dit klemt te meer nu er geen enkele goede reden was waarom eiser zijn vordering op de nalatenschap niet meer zou opeisen en dit bovendien een financieel voordeel zou betekenen voor de erfgenamen, waaronder gedaagde zelf. Eiser heeft onbetwist gesteld dat hij wist dat de legitieme portie een substantieel bedrag was en dat hij dat wilde hebben. Indien bij gedaagde inderdaad het idee is ontstaan dat eiser zijn legitieme portie niet meer zou opeisen, had hij dat bij gedaagde dienen te verifiëren alvorens de nalatenschap af te wikkelen.”

De rechtbank is stellig in zijn oordeel dat de executeur niet mag vertrouwen op uitlatingen van een legitimaris die hij jegens een derde heeft gedaan. Dit wordt nog versterkt door het feit dat zowel executeur en de overige erfgenamen financieel voordeel hebben bij het afstand doen van de legitieme portie. Daarnaast heeft de executeur in deze omstandigheid een actieve rol en zal moeten verifiëren bij A of hij daadwerkelijk afstand wilt doen van zijn legitieme portie. Er moet een gerechtvaardigd vertrouwen gewekt zijn dat A zijn aanspraak niet meer geldend zou maken. De rechtbank verklaart voor recht dat de executeur toerekenbaar onrechtmatig jegens A heeft gehandeld en stelt hem aansprakelijk voor de schade die A heeft geleden. Onze advocaat executeur kan u adviseren over uw taken en verantwoordelijkheden als executeur. U doet er verstandig aan een grote zorgvuldigheid aan te meten aangezien de gevolgen, zoals hierboven beschreven heel ingrijpend kunnen zijn.

Indien u vragen heeft over de verantwoordelijkheden, de risico’s en de keuzes als executeur of heeft u juist een geschil met een executeur neem dan contact op met onze advocaat executeur via de telefoon op 020 – 39 80 150 of op dit formulier.