De Rechtbank Oost-Brabant heeft enige tijd geleden uitspraak gedaan over de reikwijdte van de informatieplicht van de executeur tegenover de legitimaris ter berekening van de legitieme.

De rechter ziet zich voor de vraag gesteld wat een executeur of erfgenaam aan een legitimaris moet melden of aan hem dient te verstrekken in de zin van het bepaalde in artikel 4:78, eerste lid van het Burgerlijk Wetboek (BW).

De tekst van dat artikellid luidt als volgt:

Een legitimaris die niet erfgenaam is, kan tegenover de erfgenamen en met het beheer der nalatenschap belaste executeurs aanspraak maken op inzage en een afschrift van alle bescheiden die hij voor de berekening van zijn legitieme portie behoeft; zij verstrekken hem desverlangd alle daartoe strekkende inlichtingen.”.

Reikwijdte van de informatieplicht van de executeur tegenover de legitimaris. Eigen verantwoordelijkheid van de legitimaris.

De rechter oordeelt als volgt.

Gedaagden zijn van mening dat de verplichting die voortvloeit uit het bepaalde in artikel 4:78 lid 1 BW niet zover strekt als eiser betoogt.

In dit kader zijn de omstandigheden van het geval van belang.

Zo zijn de betreffende akten van levering niet bepaald onduidelijk. Daarin is gemeld dat er sprake was van een overdracht tegen waarde in verpachte staat. En dat die waarde was vastgesteld aan de hand van een taxatie.

Gelet op de omstandigheden van het geval, is de rechtbank van oordeel dat de verplichting van de executeur niet zo ver strekte dat hij eiser expliciet had moeten wijzen op de overdracht tegen de waarde in verpachte staat en de eventuele mogelijkheid van een daarin vervatte schenking die voor de berekening van de legitieme portie van belang kon zijn.

Dat valt ook niet zonder meer te rijmen met de tekst van de wet.

De wet spreekt van het “desverlangd” verstrekken van inlichtingen.

Anders dan eiser heeft aangevoerd, is daarmee een eigen verantwoordelijkheid van de legitimaris gegeven.

Het betreft tenslotte een vordering van de legitimaris waarop hij zelf aanspraak moet maken.

En waarvoor hij, om de omvang te kunnen bepalen, zelf de berekening zal moeten maken.

Of een aangereikte berekening zal moeten controleren en eventueel accorderen.

Dat eiser heeft verzocht om taxaties, zoals ter zitting is verklaard en die niet heeft verkregen, is hem aan te rekenen.

Blijkbaar heeft hij ondanks het ontbreken daarvan gemeend de voorgelegde berekening van zijn legitieme portie te moeten accorderen.

En heeft hij nagelaten om door te vragen naar de informatie/inlichtingen die hij – naar hij nu in deze procedure pas stelt – nodig had om zijn legitieme portie goed te berekenen.

De rechtbank overweegt dat de verplichting van een erfgenaam of executeur verder gaat dan hiervoor is weergegeven in een geval waarin de erfgenaam of executeur bewust een schenking zou verzwijgen of bewust informatie zodanig presenteert dat het als het ware een ‘zoekplaatje’ zou worden voor de legitimaris.

Dat van een dergelijke situatie hier sprake is, is niet gebleken.

De overdracht tegen een waarde in verpachte staat – en met name de overdracht aan gedaagde in 2005 – roept vraagtekens op.

Maar niet uit te sluiten valt dat die overdracht op die manier is ingericht om louter fiscale redenen.

Dat de erfgenamen of de executeur op de hoogte waren van een daarin mogelijk vervatte schenking en daarmee dus bewust informatie over het bestaan van een schenking hebben achtergehouden, is dan ook niet vast komen te staan.

Dit alles leidt tot de conclusie dat eiser in dit geval geen beroep toekomt op de voorwaarde die hij in de kwijtingsverklaring liet opnemen.

Eiser had voldoende bescheiden en had bij twijfel moeten doorvragen.

Dat hij dat niet deed moet voor zijn rekening blijven en kan nu, met gebruikmaking van de voorwaarde, er niet toe leiden dat hij dat alsnog kan doen.

De slotsom is dan ook dat de vorderingen van eiser worden afgewezen.

In de familierelatie van partijen ziet de rechtbank aanleiding de proceskosten te compenseren in die zin, dat iedere partij de eigen kosten draagt.

Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.

Heeft u een vraag aan onze advocaat executeur over de vereffening of verdeling van een erfenis, over de uitleg van een testament of over de nietigheid van een testament, over de taken en bevoegdheden van de executeur, over het kindsdeel of over de legitieme, of over de informatieplicht van de executeur, belt u dan gerust onze advocaat executeur op 020-3980150.

Wilt u meer weten over de taken en bevoegdheden van de executeur, bezoek dan onze website over de executeur. Klik dan hier.