De Rechtbank Rotterdam heeft op 3 augustus 2021 uitspraak gedaan over de vraag of de advocaatkosten die door de vereffenaar waren gemaakt voor rekening van de boedel diende te komen.
Op 22 oktober 2013 is overleden de erflaatster.
Erflaatster was de weduwe van B, overleden op 14 november 1999.
B heeft bij testament d.d. 21 december 1990 zijn echtgenote (erflaatster) en zijn kinderen (verzoekers) benoemd tot zijn erfgenamen en een ouderlijke boedelverdeling gemaakt.
Ingevolge artikel 1167 oud-BW hebben verzoekers, na het overlijden van B, op erflaatster een niet-opeisbare rentedragende vordering gekregen.
Erflaatster heeft bij testament d.d. 18 oktober 2013 over haar nalatenschap beschikt en verzoeker tot executeur benoemd.
Bij beschikking van de rechtbank Rotterdam van 2 april 2015 is verweerder benoemd tot vereffenaar van de nalatenschap.
Bij verzoekschrift heeft verzoeker de rechtbank verzocht verweerder als vereffenaar te schorsen en te ontslaan.
Bij beschikking van 29 april 2016 en in hoger beroep bij beschikking van 5 april 2017 is het verzoek van verzoeker afgewezen.
Erfrecht. Vereffening. Procederen door de vereffenaar. Advocaatkosten voor rekening van de boedel? Belang van nalatenschap.
De rechter oordeelt als volgt.
Voldoende is komen vast te staan dat de door verweerder in rekening gebrachte advocaat- en deurwaarderskosten in redelijkheid en ten behoeve van de afwikkeling van de nalatenschap zijn gemaakt.
Onweersproken is dat verzoeker en/of aan hem gelieerde rechtspersonen meer dan twintig procedures tegen verweerder hebben aangespannen.
Ook heeft verweerder voldoende aannemelijk gemaakt dat hij, in het belang van de gemeenschappelijke erfgenamen, in de tegen hem aangespannen procedures verweer diende te voeren en genoodzaakt was zelf enkele procedures tegen verzoeker en/of aan hem gelieerde rechtspersonen aan te spannen.
Het betoog van verzoeker dat verweerder al die procedures had kunnen voorkomen indien hij constructief de mogelijkheden zou hebben onderzocht om de onroerende zaken aan hem te verkopen en/of toe te scheiden, slaagt evenmin.
Verweerder heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat het destijds niet alleen vanwege het (recente) faillissement en de detentie van verzoeker, niet voor de hand lag dat verzoeker de eigendomsverkrijging van de onroerende zaken zou kunnen financieren, maar ook dat verzoeker niet aan verweerder en/of de overige erfgenamen zijn wens ter zake de eigendomsverkrijging kenbaar heeft gemaakt.
In de beschikkingen ex artikel 4:206 lid 3 BW is overwogen dat voldoende inhoudelijk is onderbouwd dat de vereffening van de nalatenschap van erflaatster bewerkelijk en complex is.
Daarnaast is overwogen dat de aan die beschikkingen ten grondslag liggende specificaties voldoen aan de vereisten van de Recofa-richtlijnen.
Verzoeker stelt dat verweerder zich vergaand heeft bemoeid met de discussies tussen de erfgenamen over de verdeling van de nalatenschap, werkzaamheden die volgens hem niet voor vergoeding in aanmerking komen.
Verweerder heeft echter voldoende aannemelijk gemaakt dat alle werkzaamheden zijn verricht in het kader van de vereffening, althans in het belang van de gemeenschappelijke erfgenamen.
Zo staat vast dat ter uitvoering van de vaststellingsovereenkomst van 14 februari 2018 tussen partijen en verzoekers veelvuldig overleg heeft plaatsgevonden en dat na overleg is overeengekomen dat X de onroerende zaak zou kopen.
Onweersproken is dat verweerder aan de verkoop zijn medewerking heeft verleend.
De door verweerder in rekening gebrachte (loon)kosten worden redelijk geacht, mede gelet op het door hem gehanteerde uurtarief.
Bij zijn verweerschrift heeft verweerder verklaard bereid te zijn om de advocaat van verzoeker inzage te verstrekken in zijn facturen met urenspecificaties over de periode 1 juni 2017 tot en met 20 december 2019.
Verzoeker is van mening dat verweerder vijf jaar lang kosten heeft gemaakt, zonder dat daarmee enig redelijk doel werd gediend.
Verweerder heeft dit uitvoerig betwist.
In de meer dan twintig procedures die door verzoeker en/of aan hem gelieerde bedrijven zijn aangespannen, heeft verweerder zich in het belang van de gezamenlijke erfgenamen moeten verweren.
Geconcludeerd kan worden dat al die procedures uitsluitend tot positieve resultaten voor de boedel hebben geleid.
De kosten van de ingeschakelde advocaten (en deurwaarders) mogen voor rekening van de nalatenschap worden gebracht.
Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.
Heeft u een vraag aan onze advocaat executeur over de vereffening of verdeling van een erfenis, over de uitleg van een testament of over de nietigheid van een testament, over de taken en bevoegdheden van de executeur, over het kindsdeel of over de legitieme, of over de schulden van de nalatenschap, belt u dan gerust onze advocaat executeur op 020-3980150.
Wilt u meer weten over de taken en bevoegdheden van de executeur, bezoek dan onze website over de executeur. Klik dan hier.