Van onze advocaat executeur. De Rechtbank Rotterdam heeft enige tijd geleden uitspraak gedaan over het afleggen van rekening en verantwoording van de executeur, over de rechtsgeldigheid van een testament en de ondeelbare rechtsverhouding tussen erfgenamen.
Erflaatster heeft bij testament beschikt over haar nalatenschap, met benoeming van gedaagde als executeur.
In het testament zijn tot enige erfgenamen benoemd, zulks tezamen en voor gelijke delen, de kinderen van de broers en zusters van erflaatster.
Eisers als erfgenamen vorderen dat gedaagde, als (voormalig) executeur, rekening en verantwoording aflegt.
Rekening en verantwoording executeur. Rechtsgeldigheid testament? Testament herroepen? Ondeelbare rechtsverhouding.
De rechter oordeelt als volgt.
De executeur voert als verweer onder meer aan dat zij geen rekening en verantwoording hoeft af te leggen omdat zij, niet als executeur maar als begunstigde onder het geschrift van 2 augustus 2014, de enige rechthebbende is op de inboedel en de woning van erflaatster.
Gedaagde is inmiddels geen executeur meer. De executeur is thans S.
Gedurende zijn beheer vertegenwoordigt de executeur bij de vervulling van zijn taak de erfgenamen in en buiten rechte (artikel 4:145 lid 2 BW).
Onder beheer valt ook: opkomen in rechte namens de erfgenamen, in dit geval tegen gedaagde als voormalig executeur en als persoon die betwiste rechten claimt ter zake van de nalatenschap.
Niet de erfgenamen, maar de nieuwe executeur S. had gedaagde in rechte moeten betrekken. In zoverre zijn de erfgenamen niet-ontvankelijk in hun vordering.
Overigens wisten eisers al dat gedaagde niet meer de executeur was toen de erfgenamen met de onderhavige procedure begonnen. De verklaring van de notaris waaruit blijkt van de nieuwe executeur behoort tot de producties bij dagvaarding.
In het midden kan blijven of een geschil over het afleggen van rekening en verantwoording door een (voormalig) executeur niet bij de kantonrechter had moeten worden aangebracht.
Daarbij komt het volgende. Partijen houdt blijkens hun stellingname weliswaar verdeeld of het geschrift van 2 augustus 2014 rechtsgeldig is, maar over dit geschil is geen enkele vordering ingesteld, niet door de erfgenamen en ook niet door de voormalig executeur. Zonder vordering kan de rechtbank hierover niets beslissen.
Zou hierover wel een vordering zijn ingesteld, en zou deze vordering niet door de executeur moeten worden ingesteld, dan stelt de rechter vast dat in deze procedure in ieder geval één erfgenaam ontbreekt, namelijk erfgenaam E (die blijkens opgave van de notaris als enige niet in Nederland woont maar in Duitsland).
Erfgenaam E behoort niet tot de 3 erfgenamen namens wie zich in deze procedure een advocaat heeft gesteld.
De erfgenamen hebben na het aanhangig maken van de onderhavige procedure alsnog een machtiging overgelegd van 5 van de 6 overige erfgenamen, waarin staat (zo begrijpt de rechter de tekst) dat de erfgenamen mede namens deze 5 erfgenamen mogen procederen. Van erfgenaam E ontbreekt echter deze machtiging.
Tussen de 9 erfgenamen is sprake van een ondeelbare rechtsverhouding. Een nalatenschap kan immers maar op één manier verdeeld worden. Aan een vonnis waarbij erfgenaam E geen partij is, is deze erfgenaam niet gebonden. Ook om deze reden kan de rechtbank niet beslissen over deze kwestie.
Nu dit niet tot financieel nadeel kan lijden voor de niet verschenen erfgenaam E, zal de rechter wel enige overwegingen wijden aan hetgeen partijen verdeeld houdt, zij het dat één en ander dus niet in een beslissing kan worden gegoten.
De wet voorziet in de mogelijkheid om een uiterste wilsbeschikking te herroepen. Voor het rechtsgeldig herroepen van een uiterste wilsbeschikking gelden echter dezelfde vormvoorschriften als voor het maken van deze beschikking (artikel 4:111 BW).
Tot deze vormvoorschriften behoort in beginsel, behoudens hier niet ter zake doende uitzonderingen, ook de eis dat de uiterste wilsbeschikking notarieel is verleden (art. 4:94 BW).
Het geschrift waarop de executeur zich beroept is niet notarieel verleden. Het testament van erflaatster is dus nog steeds geldig. Erfgenamen zijn neven en nichten en niet alleen gedaagde als voormalig executeur.
De rechtbank begrijpt dat eisers een beroep doen op vernietigbaarheid van het geschrift (artikel 4:109 lid 4 BW).
Het door de executeur ingeroepen geschrift is niet “geheel met de hand geschreven.” Aldus is evenmin voldaan aan één van de wettelijke voorwaarden waaronder erflaatster bepaalde inboedelgoederen (en dus niet een gehele onbepaalde inboedel) onderhands, per codicil, zou kunnen nalaten aan de voormalig executeur (artikel 4:97 BW).
Ook in zoverre is het testament van erflaatster nog steeds geldig. Rechthebbend op de inboedel zijn de erfgenamen en niet alleen de voormalig executeur.
De oude executeur is wettelijk gehouden om rekening en verantwoording af te leggen aan de nieuwe executeur (artikel 4:151 BW).
Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.
Heeft u een vraag over de verdeling van een erfenis, over de taken en bevoegdheden van de executeur, het afleggen van rekening en verantwoording door de executeur, over de rechtsgeldigheid en de vormvereisten van een testament, over de nietigheid of vernietigbaarheid van een testament of het herroepen van een testament, belt u dan gerust onze advocaat executeur op 020-3980150.