De Rechtbank Noord-Holland heeft onlangs uitspraak gedaan over de vraag of een hypothecaire schuld opeisbaar was gedurende de wettelijke vereffening.
Het verzoek strekt tot het benoemen van een vereffenaar van de nalatenschap van erflater.
De Bank legt aan het verzoek ten grondslag dat de hypothecaire geldleningen door het overlijden van erflater terstond opeisbaar zijn.
Ter zitting heeft de Bank daaraan toegevoegd dat ook het niet betalen van de maandelijkse rentetermijnen en de al jaren durende leegstand van de woning de lening in zijn geheel opeisbaar maken.
Na aftrek van de uitgekeerde overlijdensrisicoverzekering bedraagt de totale vordering van de Bank per 2 augustus 2023 € 44.234,25.
Dat bedrag wordt ondanks een verzoek daartoe van de Bank niet terugbetaald.
De erven zijn in verzuim met de voldoening van hetgeen waarvoor de hypotheken tot waarborg strekken.
Zij laten de nalatenschap al vijf jaar onbeheerd en wikkelen die niet behoorlijk af.
De erven die belast zijn met het beheer van de nalatenschap schieten dan ook in ernstige mate tekort in de vervulling van hun verplichtingen, aldus de Bank.
Erfrecht. Vereffening. Benoeming van een vereffenaar. Ontheffing van de wettelijke vereffening? Minderjarige. Opeisbaarheid van hypothecaire schuld. Is de bank belanghebbende?
De rechter oordeelt als volgt.
Op grond van artikel 4:193 lid 1 BW kan een nalatenschap namens een minderjarige niet zuiver worden aanvaard.
Indien een wettelijk vertegenwoordiger van een minderjarige erfgenaam een nalatenschap wenst te verwerpen, dient hiervoor een machtiging te worden verkregen van de kantonrechter.
Niet gesteld of gebleken is dat die machtiging is verkregen, zodat er vanuit moet worden gegaan dat de (destijds) minderjarige erfgenamen de nalatenschap van erflater beneficiair hebben aanvaard.
Als gevolg van de beneficiaire aanvaarding zijn de erfgenamen samen vereffenaar (artikel 4:195 lid 1 BW).
Omdat drie van de vier erven in dit geval nog minderjarig zijn, is hun wettelijk vertegenwoordiger in hun plaats vereffenaar samen met de minderjarige, die inmiddels meerderjarig is.
Een vereffenaar heeft tot taak de nalatenschap als een goed vereffenaar te beheren en te vereffenen. Hij moet daartoe de opeisbare schulden betalen.
Ook moet een vereffenaar een onderhandse of notariële boedelbeschrijving opmaken of laten opmaken, waarin de schulden van nalatenschap zijn opgenomen.
De erven stellen zich op het standpunt dat als het op 13 november 2023 bij de kantonrechter ingediende verzoek tot ontheffing van de wettelijke vereffening ex artikel 4:202 lid 2 BW wordt toegewezen er niet meer vereffend hoeft te worden en er dan ook geen basis meer is voor de benoeming van een vereffenaar.
Zij lijken er daarbij vanuit te gaan dat als er niet vereffend hoeft te worden de situatie kan blijven zoals die nu is, in die zin dat de hypothecaire lening dan op dit moment nog niet volledig hoeft te worden terugbetaald en de woning dus ook niet verkocht hoeft te worden.
Dat klopt niet.
Ook als de nalatenschap niet volgens wet vereffend hoeft te worden, zullen de opeisbare schulden van de nalatenschap nog steeds moeten worden betaald.
De hypothecaire lening zal ook zonder wettelijke vereffening dus moeten worden terugbetaald en als dat niet lukt, zal de woning toch moeten worden verkocht.
De Bank kan dat desnoods zelf doen door middel van een executoriale verkoop.
Daar komt nog bij dat ook als de kantonrechter op grond van artikel 4:202 lid 2 BW ontheffing van de wettelijke vereffening zou verlenen, de rechtbank nog steeds een vereffenaar kan benoemen, maar dan op basis van artikel 4:204 BW.
Dat artikel is van toepassing als er geen wettelijke verplichting is om te vereffenen.
In zo’n geval kan er toch een reden zijn om een vereffenaar te benoemen, bijvoorbeeld als ondanks het positieve saldo van de nalatenschap een schuldeiser niet volledig of binnen redelijke tijd wordt voldaan omdat de nalatenschap niet behoorlijk afgewikkeld wordt.
Die situatie lijkt zich hier voor te doen.
De hypothecaire lening is immers nog steeds niet terugbetaald, de woning staat al jaren leeg, maar de erven willen de woning niet verkopen.
De rechtbank zal daarom de beslissing op het bij de kantonrechter ingediende verzoek tot ontheffing van de vereffening niet afwachten en in deze beschikking beslissen op het verzoek van de Bank om een vereffenaar te benoemen.
Als een nalatenschap beneficiair is aanvaard, kan de rechtbank op verzoek van een belanghebbende een vereffenaar benoemen als degene die met het beheer van de nalatenschap belast is in ernstige mate in de vervulling van zijn verplichtingen tekortschiet, daartoe ongeschikt is of niet voldoet aan een last tot zekerheidsstelling, wanneer de schulden der nalatenschap de baten blijken te overtreffen, of wanneer tot een verdeling van de nalatenschap wordt overgegaan voordat deze vereffend is (artikel 4:203 lid 1 onder b BW).
De hypothecaire geldlening die erflater bij de Bank is aangegaan valt in de nalatenschap.
De erven stellen zich op het standpunt dat de vordering van de Bank om de gehele hypothecaire geldlening terug te betalen niet opeisbaar is.
De Bank heeft echter gewezen op haar Algemene Voorwaarden waarin zowel in de versie van 2020 als in de versie van juni 2023 staat dat de Bank van de erfgenamen van de schuldenaar kan eisen dat de lening direct helemaal wordt terugbetaald in geval van overlijden van de schuldenaar.
In de hypotheekakten zijn destijds weliswaar de Algemene Voorwaarden uit 1994 van toepassing verklaard, maar in die voorwaarden is een bepaling opgenomen die de bank de mogelijkheid geeft de algemene voorwaarden eenzijdig te wijzigen.
Op grond van zowel de ten tijde van het overlijden van erflater op de hypothecaire geldlening toepasselijke Algemene Voorwaarden als de nu geldende Algemene Voorwaarden is het volledige resterende leningbedrag dus opeisbaar.
De rechtbank merkt daarbij nog op dat de Bank er terecht ook op heeft gewezen dat de lening ook zonder de bepaling over het overlijden van de schuldenaar opeisbaar is op grond van de Algemene Voorwaarden uit zowel 1994 als de latere versies, omdat gedurende meerdere maanden de maandelijkse rentetermijnen niet zijn betaald.
Nu de Bank de volledige lening ook daadwerkelijk heeft opgeëist, zal die schuld door de vereffenaars voldaan moeten worden.
Overname van de hypothecaire lening door de erven is geen optie gebleken.
De Bank heeft in de procedure onderbouwd toegelicht dat het niet mogelijk is om de huidige hypothecaire geldlening over te zetten op naam van de (minderjarige) erven.
De Bank is als schuldeiser van de nalatenschap belanghebbende.
Zij kan dus een verzoek tot het benoemen van een vereffenaar doen.
De Bank stelt dat de nalatenschap al vijf jaar niet door de vereffenaars wordt afgewikkeld en zij in ernstige mate in ernstige mate tekortschieten in de vervulling van hun verplichtingen.
De rechtbank is het met de Bank eens.
De erven hebben niet alleen de door de Bank opgeëiste geldlening nog steeds niet terugbetaald, maar hebben ook gedurende meerdere maanden de maandelijkse rentebedragen niet betaald en het contact met de wettelijk vertegenwoordiger verliep stroef, omdat zij niet steeds (tijdig) reageerde.
De betalingsachterstand is op de dag van de mondelinge behandeling weliswaar betaald, maar dat is slechts de voldoening van een lopende verplichting.
Daarmee wordt de nalatenschap nog niet behoorlijk afgewikkeld.
Bovendien lijken de minderjarige en de wettelijk vertegenwoordiger zelf niet erg bereid om de woning te verkopen om de schuld aan de Bank te voldoen, terwijl het kennelijk niet mogelijk is om de schuld aan de Bank te voldoen, door het verkrijgen van financiering elders.
De erven zijn na de mondelinge behandeling namelijk nog in de gelegenheid gesteld om met de Bank te onderzoeken of er toch nog een mogelijkheid is om de schuld aan de bank te voldoen of de hypotheek over te nemen door de minderjarige of de wettelijke vertegenwoordiger.
Dat is niet gelukt.
Het verzoek van de Bank om een vereffenaar te benoemen is naar het oordeel van de rechtbank dan ook gegrond en zal daarom worden toegewezen.
Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.
Heeft u een vraag aan onze advocaat executeur over de vereffening of verdeling van een erfenis, over de uitleg van een testament of over de nietigheid van een testament, over de taken en bevoegdheden van de executeur, over het kindsdeel of over de legitieme, belt u dan gerust onze advocaat executeur op 020-3980150.
Wilt u meer weten over de taken en bevoegdheden van de executeur, bezoek dan onze website over de executeur. Klik dan hier.
Wilt u meer weten over het erfrecht, bezoek dan onze website van ons advocatenkantoor. Klik dan hier.