Van onze advocaat executeur. Het Gerechtshof Amsterdam heeft enige tijd geleden uitspraak gedaan over de vraag of de notaris ten onrechte haar taak als executeur niet heeft neergelegd op het moment dat de erfgenamen de nalatenschap beneficiair hadden aanvaard.
Kort gezegd gaat het in deze zaak om het volgende.
Op 9 juli 2008 is de vader van klagers overleden. Blijkens zijn testament van 15 februari 1982 heeft de vader, die in algehele gemeenschap van goederen was gehuwd met de moeder van klagers als zijn erfgenamen achtergelaten zijn vier kinderen, te weten klagers, alsmede de moeder.
Ingevolge zijn testament was de wettelijke verdeling van artikel 4:13 van het Burgerlijk Wetboek (BW) niet van toepassing op zijn nalatenschap.
De erfgenamen van de vader hebben de nalatenschap van de vader zuiver aanvaard. Bij akten van 8 april 2011 en 6 mei 2011 is ten overstaan van destijds notaris de door het overlijden van de vader ontbonden huwelijksgemeenschap en de daarin vervatte nalatenschap van de vader verdeeld. Blijkens de akte van verdeling van 6 mei 2011 zou de door de kinderen van de vader wegens toedeling in te brengen waarde niet worden verrekend met hun erfdeel, zodat zij hun vordering op de moeder zouden behouden. Verder was de moeder blijkens deze akte aan erfgenamen krachtens een schenking in totaal een bedrag van € 167.619,25 schuldig (onmiddellijk zonder ingebrekestelling opeisbaar bij onder meer overlijden van de moeder).
De moeder is op 21 oktober 2014 overleden. Zij heeft bij testament van 27 september 2010 en bij aanvullend testament van 16 augustus 2011 over haar nalatenschap beschikt. Daarbij heeft zij klagers, als haar erfgenamen aangewezen (hierna gezamenlijk te noemen: de erfgenamen) en de notaris benoemd tot executeur-afwikkelingsbewindvoerder. De notaris heeft haar taak als executeur-afwikkelingsbewindvoerder aanvaard.
Heeft de notaris ten onrechte de taak als executeur niet neergelegd op het moment dat de erfgenamen de nalatenschap beneficiair hadden aanvaard?
De rechter oordeelt als volgt.
Notaris als executeur-afwikkelingsbewindvoerder
Voorop staat dat een notaris aansprakelijk kan zijn voor handelen in een andere hoedanigheid dan notaris dat voldoende verband houdt met zijn hoedanigheid van notaris in relatie tot het daarbij passende gedragsniveau, zonder dat het handelen uitsluitend aan een notaris is voorbehouden.
In de onderhavige kwestie heeft de notaris gehandeld in hoedanigheid van executeur-afwikkelingsbewindvoerder.
Naar het oordeel van de rechter houden de gedragingen van een executeur-afwikkelingsbewindvoerder voldoende verband met het daarbij passende gedragsniveau van een notaris, zodat de notaris zich voor haar handelen als executeur-afwikkelingsbewindvoerder moet verantwoorden.
De rechter stelt het volgende voorop.
Ingevolge artikel 4:149 lid 1 onder d BW in verbinding met artikel 4:202 lid 1 onder a BW eindigt de taak van een executeur wanneer de nalatenschap moet worden vereffend doordat zij door een of meer erfgenamen onder voorrecht van boedelbeschrijving (beneficiair) is aanvaard.
Dit uitgangspunt lijdt uitzondering als er een tot voldoening van de opeisbare schulden en legaten bevoegde executeur is en deze kan aantonen dat de goederen van de nalatenschap ruimschoots toereikend zijn om alle schulden van de nalatenschap te voldoen. De wet schrijft geen termijn voor waarbinnen dit moet worden aangetoond.
De notaris heeft aangevoerd dat zij op het tijdstip van de beneficiaire aanvaarding bekend was met een positief saldo van de nalatenschap (woning ongeveer € 300.000,- en banksaldi van ongeveer € 75.000,-). Met schulden en vorderingen van de erfgenamen op de moeder was zij op dat moment niet bekend. Die bleken niet uit het uittreksel van de akte van verdeling van 6 mei 2011 waarover zij destijds beschikte (daarin stond enkel vermeld dat de deelgenoten elkaar ter zake van de verdeling volledige kwijting verleenden) en ook uit de door de erfgenamen aan haar verstrekte informatie kwamen die schulden niet naar voren. Het neerleggen van haar taak als executeur was dan ook (nog) niet aan de orde, aldus de notaris.
De rechter overweegt als volgt.
Gebleken is dat de notaris op het tijdstip van de beneficiaire aanvaarding – mede met het oog op de door haar nog op te stellen boedelbeschrijving – nog bezig was met haar onderzoek naar de samenstelling en omvang van de nalatenschap.
De rechter acht genoegzaam aannemelijk gemaakt dat de notaris, gezien de informatie waarover zij op dat moment beschikte, op dat moment niet anders kon concluderen dan dat de nalatenschap van de moeder ruimschoots toereikend was.
Naar het oordeel van de rechter was zij destijds niet genoodzaakt de volledige akte van verdeling van 6 mei 2011 op te vragen. De inhoud van het uittreksel van die akte geeft daartoe geen enkele aanleiding.
Gezien het vorenstaande valt het de notaris dan ook niet te verwijten dat zij haar functie als executeur op 19 januari 2015 niet heeft neergelegd.
De stelling van de erfgenamen dat zij de notaris erop heeft gewezen dat zij niet langer haar taak als executeur mocht uitoefenen, volgt de rechter niet. Dit volgt niet uit de e-mail van 28 april 2015. Weliswaar wordt in die e-mail gesproken over de bevoegdheid van de notaris als executeur, maar die bevoegdheid ziet op het wel of niet te gelde mogen maken van de goederen van de nalatenschap en het wel of niet mogen geven van een beslissing ten aanzien van de mondelinge pachtovereenkomst. Verder oordeelt de rechter dat, anders dan erfgenamen menen, uit de beschikking niet blijkt dat daarin is vastgesteld dat de taak van de notaris als executeur is geëindigd door de beneficiaire aanvaarding op 19 januari 2015.
Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.
Heeft u een vraag over de vereffening en verdeling van een erfenis, over de taken en bevoegdheid van de executeur, over het ontslag van de executeur, over het afleggen van rekening en verantwoording in het erfrecht of over het verschil tussen zuivere en beneficiaire aanvaarding, belt u dan gerust onze advocaat executeur op 020-3980150.