De Rechtbank Overijssel heeft onlangs uitspraak gedaan over de vraag of er gewichtige redenen bestonden voor het ontslag van een executeur.

Erflaatster heeft bij testament beschikt over haar nalatenschap.

In het testament heeft zij verweerder als haar oudste zoon benoemd tot executeur en deze zoon heeft die benoeming aanvaard.

Eén van de erfgenamen verzoekt nu om de executeur uit zijn taak te ontslaan.

Dat verzoek wordt gedaan omdat de executeur volgens haar tekortschiet in de uitoefening van zijn taken

Verzoeker heeft een verzoekschrift ingediend waarin zij vraagt om ontslag van de executeur.

Erfrecht. Executele. Ontslag van een executeur. Gewichtige redenen voor ontslag? Tekortkoming. Inlichtingenplicht. Boedelbeschrijving. Beheer van gelden door de executeur.

De rechter oordeelt als volgt.

De kantonrechter is van oordeel dat er redenen aanwezig zijn die voldoende zwaarwegend zijn om verweerder te ontslaan uit zijn taak van executeur.

Er is sprake van gewichtige redenen in de zin van artikel 4:149 lid 2 BW.

Dat wordt hierna toegelicht.

Erflaatster is in 2021 overleden.

Dat is inmiddels al ruim anderhalf jaar geleden.

Om voor een goede afwikkeling van de nalatenschap zorg te dragen, is het van belang dat er wordt beschreven waar de nalatenschap uit bestaat.

Het gaat daarbij om bezittingen en schulden.

Ondanks het tijdsverloop en ondanks het feit dat de andere erfgenamen daarom hebben gevraagd is er tot op heden door de executeur in deze nalatenschap nog geen boedelbeschrijving opgemaakt.

Ook verstrekt de executeur geen nadere inlichtingen aan de erfgenamen als zij daar om vragen.

Daarnaast heeft de executeur € 2.000,00 uit hoofde van de nalatenschap aan zijn broer gegeven, terwijl die broer geen erfgenaam is.

Tijdens de mondelinge behandeling heeft de executeur weliswaar gezegd dat dit bedrag is terugbetaald, maar hij heeft geen documentatie ter beschikking gesteld waaruit dit blijkt.

Deze omstandigheden zijn tezamen al als gewichtige redenen voor ontslag van de executeur aan te merken.

Daar komt in dit geval bij dat de executeur de gelden die op de bankrekening(en) van erflaatster stonden contant heeft opgenomen.

Er is daarom voor de erfgenamen geen enkel zicht meer op de gelden die tot de nalatenschap behoren.

Weliswaar is het geld naar eigen zeggen van de executeur op een veilige plek opgeborgen, maar die enkele verklaring is niet voldoende concreet en ook niet genoeg om vast te stellen waar het geld uit de nalatenschap is opgeborgen.

De executeur heeft deze onduidelijke situatie ten aanzien van het geld laten ontstaan en dat had niet mogen gebeuren.

Dit vormt naast het voorgaande ook een gewichtige reden om de executeur uit zijn taak te ontslaan, zoals bedoeld in artikel 149 lid 2 in samenhang met lid 1 sub f van dat artikel uit Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek.

Het ontslag wordt hem verleend met ingang van heden.

De executeur heeft tijdens de mondelinge behandeling aangeboden het geld – volgens hem ongeveer € 8.000,00 – weer op een bankrekening te storten.

Gelet op het voorgaande is die toezegging niet voldoende om executeur te blijven, maar het is wel belangrijk dat de executeur die toezegging nakomt, zodat het geld goed beheerd wordt en partijen zicht krijgen op de omvang en het verloop daarvan.

Verweerder heeft nog aangevoerd dat hij bij de uitvoering van zijn taak als executeur tegenwerking heeft ondervonden van de andere erfgenamen en van de heer B (de partner van erflaatster).

Zo zouden de andere erfgenamen, buiten hem om twee percelen grond hebben verkocht en zou B hem niet hebben binnengelaten in de woning.

De kantonrechter is van oordeel dat deze omstandigheden gelet op het voorgaande niet tot een ander oordeel kunnen leiden.

Dat sprake zou zijn van tegenwerking door de andere erfgenamen is bovendien door verzoekster en de belanghebbenden op de zitting weersproken.

Volgens hen is er geen sprake geweest van tegenwerking van hun kant.

Zij hebben verklaard dat verweerder instemde met de verkoop van het stukje grond en dat belanghebbende de opbrengst heeft gebruikt om schulden van de nalatenschap te kunnen betalen.

Het restant van de opbrengst heeft hij vervolgens overgedragen aan de executeur.

Volgens verzoekster en de andere erfgenamen is verweerder er zelf debet aan dat B hem niet wilde binnenlaten in zijn huis, omdat verweerder zich agressief gedroeg.

Hoe dit ook zij, deze stellingen van verweerder kunnen niet tot een ander oordeel leiden, omdat die niet afdoen aan de gewichtige redenen voor ontslag.

Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.

Heeft u een vraag aan onze advocaat executeur over de vereffening of verdeling van een erfenis, over de uitleg van een testament of over de nietigheid van een testament, over de taken en bevoegdheden van de executeur, over het kindsdeel of over de legitieme, belt u dan gerust onze advocaat executeur op 020-3980150.

Wilt u meer weten over de taken en bevoegdheden van de executeur, bezoek dan onze website over de executeur. Klik dan hier.

Wilt u meer weten over het erfrecht, bezoek dan onze website van ons advocatenkantoor. Klik dan hier.