De Rechtbank Gelderland heeft op 16 december2020 uitspraak gedaan over de vraag of een erfgenaam rekening en verantwoording diende af te leggen tegenover de andere erfgenamen over het gevoerde beheer van de bankrekening van de erflaatster.
Erflaatster heeft bij testament beschikt over haar nalatenschap.
Partijen zijn ieder voor 1/6 deel erfgenaam van erflaatster.
Op 17 december 2015 heeft erflaatster, gedaagde gevolmachtigd om te beschikken over de tegoeden en eventuele kredieten op de in de volmacht genoemde bankrekeningen van erflaatster bij de Rabobank.
Op basis van de volmacht was gedaagde gevolmachtigd te beschikken over het tegoed op de aangegeven rekeningen middels een bankpas.
Beheer over bankrekening. Afleggen van rekening en verantwoording van erfgenaam aan overige erfgenamen? Volmacht. Misbruik van omstandigheden?
De rechter oordeelt als volgt.
Een verplichting tot het doen van rekening en verantwoording kan, naar vaste jurisprudentie, worden aangenomen indien tussen partijen een rechtsverhouding bestaat of heeft bestaan krachtens welke de één jegens de ander verplicht is zich omtrent de behoorlijkheid van enig vermogensrechtelijk beleid te rechtvaardigen.
Een zodanige verhouding kan voortvloeien uit de wet, een rechtshandeling of ongeschreven recht. In het laatste geval kan bijdragen aan het bestaan een verplichting tot het doen van rekening en verantwoording dat de rechtsverhouding verwantschap vertoont met een in de wet geregeld geval waarin een dergelijke verplichting is neergelegd.
Voorts dient te worden gekeken naar de omstandigheden van het geval.
Daarbij speelt bijvoorbeeld een rol de reden van het beheer, de verhouding tussen de beheerder en de rechthebbende, wat er tussen hen gebruikelijk was en de mate waarin degene die het beheer voerde zelfstandig kon handelen.
Daarbij is bovendien van belang de mate waarin de rechthebbende in staat is geweest de handelingen van degene die het beheer voerde te overzien en voor zijn belangen op te komen.
Eisers hebben gesteld dat sprake was van een overeenkomst van opdracht tussen erflaatster en gedaagde op basis waarvan gedaagde rekening en verantwoording verschuldigd is.
Ook in het toegekende PGB zat een vergoeding voor het voeren van de administratie.
Dit is dus een opdracht aan gedaagde.
Gedaagde heeft betwist dat van een dergelijke opdracht sprake is.
Gedaagde had een volmacht en pinde op verzoek van erflaatster geld en voerde af en toe een betaling uit via internetbankeren op verzoek van erflaatster.
Dit is alles wat er is gebeurd, aldus gedaagde.
Gedaagde voerde niet de administratie van erflaatster.
Dit is ook geen onderdeel van het PGB.
Erflaatster voerde zelfstandig het beheer over haar vermogen en werd met de administratie geholpen door vrijwilligers van het zorgcentrum waarin erflaatster woonde.
De rechtbank is van oordeel dat te weinig is gesteld om te oordelen dat sprake is van een overeenkomst van opdracht tussen erflaatster en gedaagde.
Na betwisting door gedaagde is niet nader gesteld wat de inhoud en omvang van de opdracht van erflaatster aan gedaagde was.
Een beroep op het arrest van het gerechtshof Arnhem – Leeuwarden van 23 juli 2019 mag eisers dan ook niet baten omdat het in dat geval ging om een (voldoende gestelde) specifieke opdracht van erflaters aan hun zoon waarbij de zoon de opdracht had aanvaard.
Vaststaat dat in de periode van januari 2012 tot 17 december 2015 geen sprake was van een volmacht van erflaatster aan gedaagde.
Erflaatster behartigde in deze periode haar eigen (financiële) belangen.
De volmacht is pas verleend op 17 december 2015.
Er bestaat derhalve geen grondslag om gedaagde tot rekening en verantwoording te verplichten voor de periode voorafgaand aan de volmacht.
De vordering zal daarom, voor deze ziet op de periode voorafgaand aan de volmacht, worden afgewezen.
Onbetwist is dat erflaatster een volmacht heeft verstrekt aan gedaagde.
Gedaagde heeft op 6 november 2020 in deze procedure een volmacht overgelegd van de Rabobank.
Dit document is niet ondertekend door gedaagde en / of erflaatster maar slechts namens de Rabobank.
Eiser heeft aangevoerd dat de volmacht niet ondertekend is en dat zij daarom niet weten of dit document het juiste is.
De toelichting van gedaagde dat de Rabobank de getekende volmacht niet verstrekt maar de overgelegde productie een kopie is die gedaagde van de bank ontving, is onbetwist gebleven.
Deze toelichting komt de rechtbank bovendien niet onaannemelijk voor.
Dit leidt ertoe dat de rechtbank van de volmacht zal uitgaan die door gedaagde is overgelegd op 6 november 2020 (hierna de bankvolmacht).
Met een volmacht wordt aan een derde de bevoegdheid gegeven om in naam van de volmachtgever, in casu erflaatster, rechtshandelingen te verrichten.
Omdat het gaat om een bevoegdheid en niet om een plicht, is er geen sprake van een verplichting om na het overlijden aan erfgenamen rekening en verantwoording af te leggen.
Er is immers bij een bevoegdheid geen sprake van een voor overgang vatbaar recht.
Dit kan anders zijn indien in de volmacht is opgenomen dat er een verplichting tot het afleggen van rekening en verantwoording bestaat.
Een volmacht op zichzelf impliceert geen verplichting tot het doen van rekening en verantwoording.
Evenmin kent de wet een bepaling waaruit een verplichting tot het afleggen van rekening en verantwoording blijkt.
Uit de bankvolmacht is niet gebleken dat deze een verplichting tot het doen van rekening en verantwoording bevat, zodat geen grondslag bestaat om een verplichting van gedaagde daartoe aan te nemen.
De rechtbank ziet evenmin gronden om te oordelen dat op basis van het ongeschreven recht een verplichting tot het afleggen van rekening en verantwoording kan worden aangenomen.
Bovendien is onvoldoende gebleken dat gedaagde het beheer over het vermogen van erflaatster heeft gevoerd.
Zij heeft immers aangevoerd op verzoek van erflaatster te hebben gepind en internetbetalingen te hebben verricht.
Dit is onbetwist.
Eveneens is onbetwist dat de administratie van erflaatster werd gedaan door haarzelf met behulp van vrijwilligers.
Dit staat haaks op de eerdere stelling van eisers dat gedaagde hiermee belast zou zijn.
Daarbij is van belang dat is geoordeeld dat erflaatster voldoende compos mentis was voordat zij overleed.
Hieruit volgt dat de rechtbank aanneemt dat zij in beginsel zélf het beheer voerde over haar financiën al dan niet met hulp van een vrijwilliger van het zorgcentrum.
Door gedaagde op verzoek van erflaatster gepinde bedragen of gedane overboekingen vallen dan ook in het beheer van erflaatster.
Hierover is gedaagde op basis van ongeschreven recht geen rekening en verantwoording verschuldigd aan de erfgenamen.
Eisers hebben in het kader van de gevorderde rekening en verantwoording een beroep gedaan op misbruik van omstandigheden.
Erflaatster was afhankelijk van gedaagde voor zorg die zij ontving.
Bovendien was zij op leeftijd en ging haar vermogens achteruit, aldus eisers.
Door gedaagde is misbruik gemaakt van deze situatie.
Ter zitting is hieraan toegevoegd dat deze grondslag volgens eisers leidt tot het alsnog moeten afleggen van rekening en verantwoording door gedaagde omdat erflaatster vanwege de situatie waarin zij zich bevond, de rekening en verantwoording niet gevraagd heeft.
Gedaagde heeft dit betwist.
Erflaatster ontving inderdaad zorg van gedaagden maar er is nooit sprake geweest van misbruik van omstandigheden.
Bovendien is onduidelijk op welke omstandigheden eisers doelen, aldus gedaagde.
De rechtbank gaat aan de stellingen van eisers voorbij.
Onvoldoende is onderbouwd dat misbruik is gemaakt van omstandigheden.
Hoewel duidelijk is dat gedaagde zorg verleenden aan erflaatster en daarvoor een PGB ontvingen, staat niet vast dat de zorgverleners misbruik maakten van de situatie.
Bovendien is onvoldoende gesteld wat dit misbruik zou zijn en of dit dan in voldoende verband staat met de te vorderen rekening en verantwoording.
Kortom, de rechtbank ziet geen aanleiding om de vordering van eisers op dit punt toe te wijzen.
Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.
Heeft u een vraag aan onze advocaat executeur over de vereffening of verdeling van een erfenis, over de uitleg van een testament of over de nietigheid van een testament, over de taken en bevoegdheden van de executeur, over het kindsdeel of over de legitieme, of over het afleggen van rekening en verantwoording in het erfrecht, belt u dan gerust onze advocaat executeur op 020-3980150.
Wilt u meer weten over de taken en bevoegdheden van de executeur, bezoek dan onze website over de executeur. Klik dan hier.