De Rechtbank Rotterdam heeft onlangs uitspraak gedaan over de vraag of er objectieve gronden aanwezig waren voor het ontslag van een testamentair executeur-afwikkelingsbewindvoerder.
Overledene heeft bij testament van 4 december 2015 over haar nalatenschap beschikt en haar drie kinderen (verzoekster en de belanghebbenden) tot haar erfgenamen benoemd.
Daarnaast heeft zij aan ieder van haar kleinkinderen een geldlegaat vermaakt en een afwikkelingsbewindvoerder/executeur benoemd.
In het testament is met betrekking tot het afwikkelingsbewind het volgende opgenomen:
“Ik stel een (afwikkelings-)bewind in over de erfdelen van mijn erfgenamen en benoem A tot bewindvoerder. Dit bewind wordt ingesteld in het belang van alle betrokkenen om te komen tot een goede afwikkeling van mijn nalatenschap. De bewindvoerder komen alle bevoegdheden toe, en uitsluitend die bevoegdheden, die nodig zijn om de bovenstaande afwikkeling tot stand te brengen, zonder medewerking of toestemming van de erfgenamen. De bewindvoerder is niet verplicht de benoeming in te schrijven in de betreffende registers. Rekening en verantwoording wordt bij het einde van het bewind afgelegd bij en door middel van een notariële akte van verdeling van de nalatenschap, waarin de afwikkeling, binnen de hierboven beschreven ruimte wordt vastgelegd. Periodiek hoeft er geen rekening en verantwoording te worden afgelegd overigens met inachtneming van het hierna bepaalde. Het bewind vervalt bij het totstandkoming van de afwikkeling van mijn nalatenschap. Ik benoem voornoemde bewindvoerder tevens tot executeur, voor welke benoeming de volgende bepalingen gelden”
Met betrekking tot de executeursbenoeming is het volgende opgenomen:
“De executeur heeft tot taak de goederen van de nalatenschap te beheren en de schulden van de nalatenschap te voldoen die tijdens zijn beheer uit die goederen moeten worden voldaan, zoals het afgeven van legaten, het nakomen en uitvoeren van overeenkomsten en de voldoening van de kosten van mijn begrafenis of crematie, van eventuele taxatie- en boedelkosten en van de successierechten die ten laste komen van erfgenamen of legatarissen. In verband met de betaling van de schulden is de executeur bevoegd de door hem beheerde goederen van mijn nalatenschap te gelde te maken. De executeur behoeft over de keuze en de te gelde making niet in overleg te treden met de erfgenamen en hun toestemming daarvoor is niet vereist”
Erfrecht. Ontslag executeur-afwikkelingsbewindvoerder? Zorgvuldig handelen. Objectieve toetsing. Wantrouwen. Overleg met erfgenamen. Toestemming erfgenamen nodig voor verkoop woning?
De rechter oordeelt als volgt.
Op grond van de artikelen 4:149 lid 1 en 2 BW en 4:164 lid 1 en 2 BW eindigt de taak van een executeur/afwikkelingsbewindvoerder door het ontslag dat de kantonrechter hem met ingang van een bepaalde dag verleent.
De kantonrechter kan het ontslag op verzoek van een erfgenaam om gewichtige redenen verlenen.
Van gewichtige redenen kan sprake zijn wanneer de executeur/afwikkelingsbewindvoerder tekortschiet in de nakoming van zijn verplichtingen en van een of meer van de erfgenamen niet kan worden gevergd dat de nalatenschap waarin zij deelgenoot zijn nog langer wordt beheerd door de aangewezen executeur/afwikkelingsbewindvoerder.
Ook een diepgaand, niet direct weg te nemen wantrouwen van de erfgenamen in de executeur/afwikkelingsbewindvoerder kan een gewichtige reden opleveren, maar dit wantrouwen moet wel gestoeld zijn op concrete en objectieve feiten.
Een executeur/afwikkelingsbewindvoerder zal vaker moeilijkheden en wantrouwen ontmoeten en het behoort tot één van zijn taken om deze aspecten binnen zodanige grenzen te houden dat afwikkeling van de nalatenschap binnen afzienbare tijd mogelijk is.
Alleen subjectieve belevenissen zijn ontoereikend voor het verlenen van ontslag (Gerechtshof Den Bosch 21 november 2006, GHSHE:2006:AZ4506 en Gerechtshof Den Haag 21 september 2010:GHSGR:2010:BN7952.
Bevoegdheden executeur/afwikkelingsbewindvoerder
De vraag die partijen verdeeld houdt is of verweerder q.q. bevoegd was de woning te verkopen.
Volgens verzoekster heeft verweerder q.q. geen zelfstandige of privatieve beschikkingsbevoegdheid, zodat hij onbevoegd tot verdeling (door middel van verkoop aan een derde) is overgegaan.
Daarnaast zijn er volgens verzoekster aanwijzingen dat de bedoelingen van overledene met de executele en het bewind zeer beperkt waren.
Zij verwijst daarvoor naar het overgelegde gespreksverslag van 25 augustus 2015.
Evenals de voorzieningenrechter ziet de kantonrechter geen aanleiding om het verslag van een gesprek dat ruim drie maanden voor het passeren van het testament van overledene heeft plaatsgehad, bij de uitleg van het testament te betrekken.
De kantonrechter is van oordeel dat verweerder als executeur/afwikkelingsbewindvoerder mag overgaan tot de feitelijke afhandeling van de nalatenschap, waaronder de verkoop van de woning.
In haar uiterste wilsbeschikking heeft overledene bepaald dat aan de bewindvoerder alle bevoegdheden toekomen die nodig zijn om de afwikkeling tot stand te brengen, zonder medewerking of toestemming van de erfgenamen.
In het testament staat verder dat de executeur de taak heeft de goederen van de nalatenschap te beheren en de schulden van de nalatenschap te voldoen die tijdens zijn beheer uit die goederen moeten worden voldaan, zoals het afgeven van legaten.
In verband met de betaling van schulden is de executeur bevoegd de door hem beheerde goederen van de nalatenschap te gelde te maken.
Verweerder q.q. heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat de verkoop van de woning noodzakelijk was om tot betaling van de schulden (waaronder legaten van de kleinkinderen, erfbelasting, hypotheekschuld en facturen van X en afwikkeling van de nalatenschap te komen.
Volgens de testamentaire bepalingen hoeft de executeur over de keuze en de tegeldemaking niet in overleg te treden met de erfgenamen en hun toestemming daarvoor is niet vereist.
Verweerder q.q. was dus niet gehouden om over de verkoop van de woning in overleg te treden met de erfgenamen.
Verweerder q.q. heeft er voor gekozen de erfgenamen wel te betrekken.
Hij heeft de erfgenamen onder meer bij e-mailberichten van 18 mei en 24 juni 2022 geïnformeerd over een mogelijke toedeling van de woning en op 12 oktober 2022 heeft hij de erfgenamen een termijn gesteld voor het indienen van een concreet en onvoorwaardelijk bod.
Uit de correspondentie blijkt verder dat, na het uitblijven van een bod, verweerder q.q. de erfgenamen vervolgens voldoende heeft geïnformeerd over de openbare verkoop van de woning.
De kantonrechter komt tot de conclusie dat verweerder zorgvuldig heeft gehandeld en dat hij in het betrekken van verzoekster en de belanghebbenden verder is gegaan dan hij op grond van het testament hoefde te doen.
Een toestemming van de erfgenamen was niet vereist.
Overigens volgt uit haar brief van 2 februari 2023 dat verzoekster zelf heeft ingestemd met openbare verkoop aan een derde: “als de hoogste bieder bereid is de koopsom te betalen boven de € 550.000, plus kosten koper, kan ik alsnog toestemming verlenen voor verkoop aan deze derde” .
Met de verkoop van de woning voor een bedrag van € 555.066,- kosten koper, is aan die voorwaarde voldaan.
Van misbruik van bevoegdheid ex artikel 3:13 lid 1 BW en handelen in strijd met de redelijkheid en billijkheid is geen sprake.
De enkele omstandigheid dat verzoekster geen vertrouwen meer heeft in verweerder q.q. is onvoldoende om een reden voor ontslag aan te nemen.
De kantonrechter is van oordeel dat er geen objectieve gronden zijn die het wantrouwen van verzoekster rechtvaardigen.
De relatie tussen verzoekster en verweerder q.q. lijkt vooral te zijn verstoord door het feit dat de woning uiteindelijk is verkocht aan een derde.
Die verstoring is niet zodanig dat deze zou moeten leiden tot het verzochte ontslag.
De kantonrechter neemt bij dit oordeel tevens in aanmerking de stand van zaken in de afwikkeling van de nalatenschap.
Dit betekent dat het verzoek om ontslag van verweerder q.q. wordt afgewezen.
Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.
Heeft u een vraag aan onze advocaat executeur over de vereffening of verdeling van een erfenis, over de uitleg van een testament of over de nietigheid van een testament, over de taken en bevoegdheden van de executeur, over het kindsdeel of over de legitieme, belt u dan gerust onze advocaat executeur op 020-3980150.
Wilt u meer weten over de taken en bevoegdheden van de executeur, bezoek dan onze website over de executeur. Klik dan hier.
Wilt u meer weten over het erfrecht, bezoek dan onze website van ons advocatenkantoor. Klik dan hier.